Marokko! Wat hebben we hier lang naar uitgekeken

Geplaatst op 4 reactiesGeplaatst in Geen categorie

Het is half drie midden in de nacht als de wekker gaat. Na lang wikken en wegen (weg met te weinig wind, of risico van teveel wind) is het eindelijk zover. We halen het anker op en varen achter de Amuse aan Portugal uit op weg naar een heel nieuw continent. We vertrekken in het holst van de nacht omdat we in daglicht willen en met hoogwater moeten aankomen in Rabat. De aanloop hier kan nog al tegenzitten en met enige pech (golven van 2 meter of meer) mag je de haven niet eens in en moet je wachten of door naar Mohammedia. We volgen inmiddels wakker en voorzien van koffie, de lichtjes voor ons waarbij we de navigatiekaart op de IPad niet uit het oog verliezen. We merken dat we in aanloop van de uitmonding van de rivier plots inlopen op de Amuse. Wat doen die nou? We zien ze een rare bocht maken en het duurt niet lang voordat we zelf ook het aantal knoopjes gestaag zien afnemen. De boot wordt door de stroom een flink stuk meegesleurd richting de boei aan bakboord, Kees grijpt het roer en corrigeert voor de flinke stroming die er is, iets wat de stuurautomaat duidelijk niet trekt. Hoe dichter we de uitmonding naderen hoe meer we in een enorm kolkende watermassa terecht komen. Met de 3000 toeren die de motor draait en wat tevens zijn maximum is, lijken we nagenoeg stil te liggen, 5,5 knopen tegenstroom, dat heeft de White Mustang nog nooit voor de kiezen gehad. Iedere keer dat we denken (of hopen) iets te zijn verplaatst, blijkt een illusie, we worden met de zelfde gang weer terug gezet. Minuten gaan zo door, we turen ieder naar een kant in de donkere nacht om te zien of er schot in de zaak zit en misschien ook wel om er zeker van te zijn dat we niet achteruit varen. Zo spannend is het aan boord nog niet geweest. Na een kwartier is het genoeg geweest, Kees zet de motor in zijn hoogste stand en we houden de vingers gekruist. De Amuse is inmiddels een stipje in de verte als er eindelijk wat beweging in de boot komt. Jawel, we komen vooruit, en hoe meer we vooruit komen, hoe minder het water om ons heen kolkt en sist. Eenmaal op open water is het tijd voor Kees zijn eerste wacht en voor mij om te gaan slapen, maar daarvoor heb ik nog een beetje teveel adrenaline in mijn bloed. De tocht wordt verder gekenmerkt door te weinig wind en we motoren, motoren en motoren nog meer. Het is overigens wel heel fijn dat hierbij de golven ontbreken. Alleen, na een aantal uur motoren op een zeilboot word je wat onrustig, wil je je bestemming in zicht hebben, iets wat je zeilend eigenlijk nooit hebt.

Het zijn dus lange uurtjes met af en toe gezellig contact over de marifoon met Yvet en Stein van de Amuse. De tweede nacht trekt de wind even aan en met de halfwinder op varen we tegen de 8 knopen tot de wind draait van bakstag naar boven de 90 graden, en dit zeil niet kan blijven staan. De genua neemt het vandaar kort over tot de wind weer wegvalt. Tijdens het zeilen waagt Kees het erop en gooit zijn nieuwe hengel met goodies uit. Als ik in de vroege ochtend de wacht overneem, blijkt dat we beet hebben. Ik haal Kees vol enthousiasme weer uit zijn bed en de spanning stijgt bij het binnen halen van de lijn. Een tonijn, een kleintje, zeg voor 2 personen, maar toch de eerste vis is binnen. Kees heeft binnen no time de vis klaar om gekoeld te worden. Tuna fish for lunch! Lekkerder en verser kun je het niet krijgen. En dan eindelijk, na ruim 35 uur varen zien we land, Marokko! Daar zijn we dan, land van de heerlijke tajines, cous cous en echte muntthee, met zijn medina’s om in te verdwalen en kasba’s om te bewonderen. Het land wat vanaf zeeniveau glooiend overgaat in machtige gebergten, slingerende bergpassen en smaragd groene rivieren, gevold door oases en de in de nacht met sterren overgoten woestijn. Maar bovenal is Marokko het land waar mijn vader geboren is. Op kanaal 10 roepen we de pilot op, de Amuse lag een aantal mijl voor ons en meldt ons dat deze al op weg is. Super want zo kunnen we tegelijk mee de rivier op. Bij het aanzien van de kasba van Rabat schiet ik vol. Ik zit voor op het dek en wordt overspoeld door herinneringen. Mijn lieve oma jida die ik slechts 1 keer bewust zag tijdens de vakantie van ons leven met het blauwe mercedes busje naar Casablanca. De koekjes die ze opstuurde “in ruil” voor onze (in het Nederlands) ingesproken cassettebandjes met verhaaltjes en mopjes. De familie die ons doodknuffelde bij aankomst. Aan de rondreis die ik er meer dan 15 jaar terug met Samantha maakte, het weerzien destijds van mijn oom en de warme en vanzelfsprekende ontvangst bij ieder familielid dat we bezochten. De laatste vakantie die ik met mijn vader en moeder samen zou maken in Essaouira en de prachtige desert trip samen met Kees 3 jaar geleden, daar waar hij me in de absolute stilte van de woestijn wakker schudde om te vertellen dat hij verlost bleek van zijn hinderlijke oorsuis (helaas niet voor lang). Dat en nog veel meer terwijl ik geniet van de warmte, de geur van het land en het “welcome, welcome in Maroc” wat vissers ons zwaaiend toeroepen vanaf hun kleine gekeurde 

bootjes. We leggen bij het havenbureau aan net als de Amuse en we zien 2 douane beambten en een grote herdershond klaar staan om de boot op te stappen. De vraag aan ons is waar ze dat zullen doen, ze zien de opening in de railing niet. Doordat we met Marijn varen is er rondom de boot een net gespannen en opstappen lukt alleen met een grote stap over de railing heen. Dit blijkt de hond niet te kunnen en hem oppakken dat mag niet. Als ik een wat slaapdronken Marijn in zijn slaapzakje naar boven haal, komen er op de toch al vriendelijke gezichten 2 grote glimlachen. Marijn wordt meerdere malen gezegend, over de bol geaaid en na toestemming te hebben gevraagd, gekust op zijn bolletje. Het papierwerk wordt binnen aan de tafel gedaan en na ruim 45 minuten, de nodige verbazing over mijn voor en achternaam en inleveren van de drone wordt ons een plek gewezen. Eenmaal aangelegd wordt er getoast met bubbels op de veilige aankomst en een nieuw continent.  En in deze sjieke haven ontstaat achter de steiger waar de koning zijn vissersboot heeft liggen een mooie rood wit blauwe steiger (op het hoogtepunt 8 boten onder Nederlandse vlag) waar het overal gezellig bijpraten is. We ontmoeten hier onder andere voor het eerst Floor en Casper van de Summerwind die net klaar zijn met hun tour door Marokko en wachten op goed weer om richting de Canarische eilanden te kunnen oversteken. Zover zijn wij nog lang niet, we gaan eerst genieten van dit mooie land.

Meanwhile, back at the ranch

Geplaatst op Een reactie plaatsenGeplaatst in Geen categorie

Het zijn rustige dagen, de laatste dagen in Portugal. In Lagos hebben we de watermaker laten controleren en reservefilters aangeschaft (via een groot nautisch bedrijf: Sopromar). Ons pretpakket met nieuw reddingsvest afgetopt met drop (waarvoor dank Mienco) hebben we opgehaald in Portimao, in de grote, dure, sfeerloze haven die wordt omringd door vele appartementen complexen. Veel beter is het de dag erna voor anker liggen in de baai, 200 meter verderop. In etappes motoren we richting Faro, we hebben geen haast, de wind is gaan liggen. Dat geld overigens niet voor de wind die door de trechter bij Gibraltar van de Middellandse zee richting Oceaan wordt geperst. Deze combinatie maakt dat we deze week nog niet aan de muntthee en cous cous zullen zitten. Wel hebben we mooi de tijd om op te ruimen, de drone te kalibreren en rustig eens na te denken wat we tot nu toe van ons avontuur vinden. Op de vraag aan Kees wat hij het meeste mist komt niet direct een antwoord. Meestal is Kees dan andere dingen aan het doen en heeft de vraag niet gehoord, maar nu is hij echt aan het nadenken.  Hij kan het zo gauw niet bedenken, natuurlijk vriendschappen, maar verder, verder eigenlijk maar heel weinig. Geleidelijk aan hebben we onze thuis rol afgedaan, zijn we onze thuis dingen ontwent en zijn we meer dan dat we 4 maanden geleden bij vertrek waren, vertrekkers geworden. Er is rust gekomen in de dagelijkse bezigheden, berusting in hoe en met welke middelen we dat doen en er is een enorm gevoel voor vrijheid voor in de plaats gekomen. We kunnen genieten van een simpele maar lekker bereide maaltijd aan boord, het uitkijken op een strandje voor anker liggend in een baai, Marijn die iedere dag weer iets anders heeft geleerd en inmiddels met ons mee kan lachen om zijn eigen grapjes. We voelen ons de koning te rijk door kleine dingen zoals een warme douche, een uurtje zandkastelen bouwen op een verlaten strandje, wakker worden van een vrolijk springende en roepende Marijn in plaats van de wekker. Nu ik het zo schrijf lijkt dat heel vanzelfsprekend, toch is dat het niet, het tot rust komen gaat met vallen en opstaan. We hebben zelfs stiekem wel eens gedacht en uitgesproken “waar zijn we aan begonnen” en “moeten we niet omkeren”. Persoonlijk vind ik het echt een immense omslag van fulltime internist naar 24/7 de moeder van Marijn zijn, op een niet al te grote zeilboot.

Dat is misschien een vreemde constatering maar dat moederschap, wat je er als werkende moeder “bij” doet, maar voor een groot deel ook uit handen moet geven, dat had ik wellicht toch onderschat. Vooral dat het non-stop 24 uur per dag is en zoals ervaren moeders me vertellen in een “lastigere” leeftijdsfase. Marijn wil van alles, leert van alles, maar kan met zijn bijna 16 maanden natuurlijk nog bijna niets alleen zonder brokken te maken. Je wenst je ogen in je achterhoofd met die kleine dreumes die graag over het randje van de boot naar visjes kijkt, zo hard mogelijk wegkruipen naar het achterhek van de boot een spelletje vindt en toch echt het liefst de trap opklimt als je niet kijkt om van het uitzicht buiten te genieten. Gek genoeg krijgen we het ouderschap (consequent zijn en regels stellen ondanks pruillipjes, huilbuien, stampvoeterij en de liefste blikken ter wereld) steeds beter onder de knie en met nog meer plezier dan voorheen kijken we naar hoe ons kereltje groeit, zich ontwikkelt en hoe hij in alle opzichten zijn grenzen verkent en de wereld ontdekt. Dat een kleine vertrekkersboot geen reden is om niet te vertrekken mag duidelijk zijn, de White Mustang is een zeewaardig schip wat in de afgelopen maanden heeft laten zien wat ze waard is en de komende oversteken aan moet kunnen. Dat het niet altijd comfortabel is, is ook geen geheim. Los van dat een kleiner schip meer te lijden heeft van de golfslag, beperkt het je ook in je leefruimte, en met een klein mannetje aan boord in je opgeruimde leefruimte. We vergelijken het een beetje met kamperen en we staan soms met open mond te kijken naar de zee van ruimte op de boten van medevertrekkers. Die zijn altijd allemaal spic en span in orde en opgeruimd, daar waar bij ons na een ochtend spelen met Marijn de blokken door de boot zwerven, alle kinderboeken uit de kast zijn getrokken en over het bed liggen en slabbetjes, rompertjes en knuffelbeesten verspreid zijn over de bank en het lounchebed. Loslaten blijkt de oplossing. Enerzijds omdat we het nooit helemaal opgeruimd kunnen krijgen, dat accepteren geeft ruimte in je hoofd. Anderzijds moeten we de spullen loslaten die we bij vetrek allemaal nodig dachten te hebben, vaker “de kasten” door zoals we pas gedaan hebben en alles wat we ongebruikt meevaren zonder het te missen, overboord zetten. Dat levert een inmiddels opgeruimd  lounchebed op met nog maar 2 kratjes voor Marijn zijn speelgoed en zeilkleding en een tas met fotoapparatuur en een boekenkast die er gestructureerd en overzichtelijk uitziet.

Tot slot, het reizen met een 1 jarige eist aanpassingen van ons. Zeker in het begin is dat wennen geweest. Niet dat we in Amsterdam wekelijks op stap gingen, maar de mogelijkheid om een oppas te regel en samen iets te ondernemen die was er altijd. Inmiddels hebben we beiden ook hier de omslag wel gemaakt. Onze reis is, schat ik in, alleen hierom al anders dan voor veel andere vertrekkers (stellen die (bijna) met pensioen zijn, stelletjes die nog geen kinderen hebben, stellen met oudere kinderen). We lunchen als de gelegenheid zich voordoet bijvoorbeeld uitgebreid samen met Marijn in plaats ’s avonds uit eten te gaan, is iedereen altijd bij ons aan boord welkom voor koffie, een borrel of gezelligheid maar splitsen we ons op als we na Marijn zijn bedtijd willen buurten en hebben we 2 keer per dag een “verplicht” rustmomentje wat inderdaad enorm kan wringen met klussen aan boord. Zo nu en dan hebben we een “dagje”voor ons zelf of zondigen we door Marijn zijn ochtendslaap in de kinderwagen te laten doen als we een museum bezoeken, een stad willen bezichtigen of lang onderweg zijn voor de boodschappen. Dat slapen onderweg is alleen nog niet zo’n succes. Ondanks de 5 ligstanden en de extra large zonnekap van de buggy zie je na 2 minuten frunniken zijn blonde krullen en een nieuwsgierige blik die de wereld inkijkt al onder de kap vandaan komen. De belangrijkste les in deze voor ons is dat, nu we eenmaal hebben toegeven aan “onze beperkingen” en ons leefritme hebben afgestemd op dat van Marijn, het leven makkelijker, vrijer en aangenaam rustig wordt, een aanrader dus. Inmiddels liggen met de bemanning van de Dina Helena, de Amuse en nog een aantal Nederlandse vertrekkers in een baai voor Ilha da Culatra. We worden hier getrakteerd op prachtige zonsondergangen, heerlijk zwemwater en een dorpje op het eilandje wat uit een filmset lijkt gegrepen. Een haventje waarbij je je afvraagt hoe iedere visser zijn bootje terug weet te vinden, anderhalf betonnen pad, met langszij kleine huisjes in zand en duinachtig gebied. Verder is er niet veel meer dan een vuurtoren, een kerkje, wat restaurantjes en een supermarktje. Betoverend mooi en zo compleet anders dan het Portugal wat we tot nu toe zagen. In afwachting van het juiste weer hebben we de komende dagen vast tijd om naar Olhao en/ of Faro te gaan en de eerste proefvluchtjes met de drone te maken. Wordt vervolgt.