Proefje

Geplaatst op 9 reactiesGeplaatst in Geen categorie

Proefje om uit te vogelen of we straks met de grote oversteek ook af en toe een teken van leven kunnen geven. Mocht het lukken, voor alle subscribers die een mailtje krijgen bij een nieuwe post alvast de beste wensen voor 2018! Veel liefde, geluk en gezondheid en vooral heel veel mooie dagen om een jaar later weer op terug te kunnen kijken. X White Mustang en co

Meanwhile, back at the ranch

Geplaatst op Een reactie plaatsenGeplaatst in Geen categorie

Het zijn rustige dagen, de laatste dagen in Portugal. In Lagos hebben we de watermaker laten controleren en reservefilters aangeschaft (via een groot nautisch bedrijf: Sopromar). Ons pretpakket met nieuw reddingsvest afgetopt met drop (waarvoor dank Mienco) hebben we opgehaald in Portimao, in de grote, dure, sfeerloze haven die wordt omringd door vele appartementen complexen. Veel beter is het de dag erna voor anker liggen in de baai, 200 meter verderop. In etappes motoren we richting Faro, we hebben geen haast, de wind is gaan liggen. Dat geld overigens niet voor de wind die door de trechter bij Gibraltar van de Middellandse zee richting Oceaan wordt geperst. Deze combinatie maakt dat we deze week nog niet aan de muntthee en cous cous zullen zitten. Wel hebben we mooi de tijd om op te ruimen, de drone te kalibreren en rustig eens na te denken wat we tot nu toe van ons avontuur vinden. Op de vraag aan Kees wat hij het meeste mist komt niet direct een antwoord. Meestal is Kees dan andere dingen aan het doen en heeft de vraag niet gehoord, maar nu is hij echt aan het nadenken.  Hij kan het zo gauw niet bedenken, natuurlijk vriendschappen, maar verder, verder eigenlijk maar heel weinig. Geleidelijk aan hebben we onze thuis rol afgedaan, zijn we onze thuis dingen ontwent en zijn we meer dan dat we 4 maanden geleden bij vertrek waren, vertrekkers geworden. Er is rust gekomen in de dagelijkse bezigheden, berusting in hoe en met welke middelen we dat doen en er is een enorm gevoel voor vrijheid voor in de plaats gekomen. We kunnen genieten van een simpele maar lekker bereide maaltijd aan boord, het uitkijken op een strandje voor anker liggend in een baai, Marijn die iedere dag weer iets anders heeft geleerd en inmiddels met ons mee kan lachen om zijn eigen grapjes. We voelen ons de koning te rijk door kleine dingen zoals een warme douche, een uurtje zandkastelen bouwen op een verlaten strandje, wakker worden van een vrolijk springende en roepende Marijn in plaats van de wekker. Nu ik het zo schrijf lijkt dat heel vanzelfsprekend, toch is dat het niet, het tot rust komen gaat met vallen en opstaan. We hebben zelfs stiekem wel eens gedacht en uitgesproken “waar zijn we aan begonnen” en “moeten we niet omkeren”. Persoonlijk vind ik het echt een immense omslag van fulltime internist naar 24/7 de moeder van Marijn zijn, op een niet al te grote zeilboot.

Dat is misschien een vreemde constatering maar dat moederschap, wat je er als werkende moeder “bij” doet, maar voor een groot deel ook uit handen moet geven, dat had ik wellicht toch onderschat. Vooral dat het non-stop 24 uur per dag is en zoals ervaren moeders me vertellen in een “lastigere” leeftijdsfase. Marijn wil van alles, leert van alles, maar kan met zijn bijna 16 maanden natuurlijk nog bijna niets alleen zonder brokken te maken. Je wenst je ogen in je achterhoofd met die kleine dreumes die graag over het randje van de boot naar visjes kijkt, zo hard mogelijk wegkruipen naar het achterhek van de boot een spelletje vindt en toch echt het liefst de trap opklimt als je niet kijkt om van het uitzicht buiten te genieten. Gek genoeg krijgen we het ouderschap (consequent zijn en regels stellen ondanks pruillipjes, huilbuien, stampvoeterij en de liefste blikken ter wereld) steeds beter onder de knie en met nog meer plezier dan voorheen kijken we naar hoe ons kereltje groeit, zich ontwikkelt en hoe hij in alle opzichten zijn grenzen verkent en de wereld ontdekt. Dat een kleine vertrekkersboot geen reden is om niet te vertrekken mag duidelijk zijn, de White Mustang is een zeewaardig schip wat in de afgelopen maanden heeft laten zien wat ze waard is en de komende oversteken aan moet kunnen. Dat het niet altijd comfortabel is, is ook geen geheim. Los van dat een kleiner schip meer te lijden heeft van de golfslag, beperkt het je ook in je leefruimte, en met een klein mannetje aan boord in je opgeruimde leefruimte. We vergelijken het een beetje met kamperen en we staan soms met open mond te kijken naar de zee van ruimte op de boten van medevertrekkers. Die zijn altijd allemaal spic en span in orde en opgeruimd, daar waar bij ons na een ochtend spelen met Marijn de blokken door de boot zwerven, alle kinderboeken uit de kast zijn getrokken en over het bed liggen en slabbetjes, rompertjes en knuffelbeesten verspreid zijn over de bank en het lounchebed. Loslaten blijkt de oplossing. Enerzijds omdat we het nooit helemaal opgeruimd kunnen krijgen, dat accepteren geeft ruimte in je hoofd. Anderzijds moeten we de spullen loslaten die we bij vetrek allemaal nodig dachten te hebben, vaker “de kasten” door zoals we pas gedaan hebben en alles wat we ongebruikt meevaren zonder het te missen, overboord zetten. Dat levert een inmiddels opgeruimd  lounchebed op met nog maar 2 kratjes voor Marijn zijn speelgoed en zeilkleding en een tas met fotoapparatuur en een boekenkast die er gestructureerd en overzichtelijk uitziet.

Tot slot, het reizen met een 1 jarige eist aanpassingen van ons. Zeker in het begin is dat wennen geweest. Niet dat we in Amsterdam wekelijks op stap gingen, maar de mogelijkheid om een oppas te regel en samen iets te ondernemen die was er altijd. Inmiddels hebben we beiden ook hier de omslag wel gemaakt. Onze reis is, schat ik in, alleen hierom al anders dan voor veel andere vertrekkers (stellen die (bijna) met pensioen zijn, stelletjes die nog geen kinderen hebben, stellen met oudere kinderen). We lunchen als de gelegenheid zich voordoet bijvoorbeeld uitgebreid samen met Marijn in plaats ’s avonds uit eten te gaan, is iedereen altijd bij ons aan boord welkom voor koffie, een borrel of gezelligheid maar splitsen we ons op als we na Marijn zijn bedtijd willen buurten en hebben we 2 keer per dag een “verplicht” rustmomentje wat inderdaad enorm kan wringen met klussen aan boord. Zo nu en dan hebben we een “dagje”voor ons zelf of zondigen we door Marijn zijn ochtendslaap in de kinderwagen te laten doen als we een museum bezoeken, een stad willen bezichtigen of lang onderweg zijn voor de boodschappen. Dat slapen onderweg is alleen nog niet zo’n succes. Ondanks de 5 ligstanden en de extra large zonnekap van de buggy zie je na 2 minuten frunniken zijn blonde krullen en een nieuwsgierige blik die de wereld inkijkt al onder de kap vandaan komen. De belangrijkste les in deze voor ons is dat, nu we eenmaal hebben toegeven aan “onze beperkingen” en ons leefritme hebben afgestemd op dat van Marijn, het leven makkelijker, vrijer en aangenaam rustig wordt, een aanrader dus. Inmiddels liggen met de bemanning van de Dina Helena, de Amuse en nog een aantal Nederlandse vertrekkers in een baai voor Ilha da Culatra. We worden hier getrakteerd op prachtige zonsondergangen, heerlijk zwemwater en een dorpje op het eilandje wat uit een filmset lijkt gegrepen. Een haventje waarbij je je afvraagt hoe iedere visser zijn bootje terug weet te vinden, anderhalf betonnen pad, met langszij kleine huisjes in zand en duinachtig gebied. Verder is er niet veel meer dan een vuurtoren, een kerkje, wat restaurantjes en een supermarktje. Betoverend mooi en zo compleet anders dan het Portugal wat we tot nu toe zagen. In afwachting van het juiste weer hebben we de komende dagen vast tijd om naar Olhao en/ of Faro te gaan en de eerste proefvluchtjes met de drone te maken. Wordt vervolgt.

Van Lissabon naar de Algarve

Geplaatst op 2 reactiesGeplaatst in Geen categorie

De haven van Oeiras voelt als een herberg met service en vriendelijkheid in overvloed. Naast dat je er rustig en beschut ligt is er een Oceanic Pool waar je gratis gebruik van mag maken (vanaf 18-9 wegens einde seizoen gesloten), iedere ochtend verse broodjes in de kuip, een gratis “shuttle” naar de supermarkt of het treinstation, het kan niet op. Daar betaal je ook wel voor (34 euro voor 10-12 meter), maar het is als echte Nederlander goed te weten dat van de 7 dagen liggeld, je er maar 5 hoeft te betalen (gouden tip van de Bojangles). Vanaf het treinstation zit je binnen een half uur hartje Lissabon terwijl je  halverwege kunt stoppen in Belem voor het bezichtigen van de nodige musea. En wat kun je nog meer van Lissabon zeggen naast dat het werkelijk een prachtige stad is, met de  ontelbare smalle straatjes die stijl omhoog kronkelen, de kenmerkende trammetjes die volgepakt zitten met toeristen, de zonnige terrasjes en restaurantjes op de pleinen en in de dwarsstraatjes en een brug die zorgt dat je je in San Francisco waant. Nou nog heel veel meer, maar vooral dat het zeker een bezoek waard is. We liggen overigens in Oeiras omdat we een pakketje uit Nederland hebben laten opsturen door Mienco. Hierin zit een andere SSB zender (cq Blue Skyradio met dank aan Hanneke en Syste) en onder het mom van “als er toch een pakketje komt” en “je kunt echt niet meer zonder”, een drone. Beide apparaten moeten we aan de praat zien te krijgen maar over niet al te lange tijd vanaf de White Mustang dus meer beeld en geluid. Na 8 dagen Oeiras kunnen we weer door, met al onze nieuwe goodies (nou ja, zonder de meegeleverde drop want die is binnen no time op), verder richting het zuiden. In de Algarve heb je vanaf Sines mooie anker plaatsen op de rivier waar het met eb voor een groot deel droog valt en erg doet denken aan onze wadden. We willen een aardige slag maken en besluiten een nacht door te varen. Het is een prima tochtje waarbij we een groot deel opvaren met de Tijd, medevertrekkers uit Nederland. 

Het weerbericht is zoals voorspelt, we kunnen starten met de uitgeboomde parasailor. Dit is een soort spinaker waar op 2/3 hoogte een gat in zit waarvoor allemaal kleine shuttles aan kleine lijntjes hangen en wordt getrimd door 4 lijnen. Het effect van deze opening is hij windvlagen goed kan opvangen en alles beter bestuurbaar blijft. Hij is echt bedoeld voor lange afstanden van halve wind tot plat voor het lapje. Dit is de eerste keer dat we hem zo lang kunnen laten staan en het is echt fantastisch. We gaan als een speer, 7,5 kn is heel normaal, maar als de wind zoals voorspelt halverwege de middag verder aantrekt tot zo’n 15 knopen en we wel heel hard de opbouwende golven afduiken, halen we hem binnen en zetten de genua. In de loop van de avond kakt de wind weer in, maar door de ruim 5 knopen die we nog varen en het feit dat ik de eerste wacht draai maakt dat we de 2 rifjes in het grootzeil laten. Er zijn nog wat dolfijntjes die ons begroeten wat steeds opnieuw weer een happy moment is. Langzaam maar zeker leveren we in de loop van de avond meer snelheid in en tegen de tijd dat Kees aan zijn wacht begint halen we een rifje uit het grootzeil. Het blijft echter modderen onder de koers die we moeten varen. Meer grootzeil of meer afvallen maakt dat de genua klappert, minder of geen genua zorgt dat we te weinig vaart houden. Ondertussen is het redelijk klotsen aan boord, want ondanks dat de wind is afgenomen zette de golven nog wel even door en ze komen niet altijd uit dezelfde hoek. Na eenmaal de kaap te hebben gerond na 24 uur varen, ankeren we ’s ochtends, gewoon omdat het er beeldschoon uit ziet, vlak voor Lagos, waar de zon de rotsen en grotten mooi oranje-geel kleurt. Heel lang duurt dit geniet momentje niet want strak na 9.30 wordt het hele gebied overspoelt door touringbootjes, kayakers, wandelaars die de rosten af naar beneden klauteren en ‘stand-up paddelaars'. Na een aantal uur en met wat bijslapen verlaten we deze stek en varen op de motor 3 mijl naar Alvor om hier in de rivierbedding voor anker te gaan. 

De stroming hier maakt wel dat je 360 graden kan ronddraaien wat het bepalen van je ankerplekje ten opzichte van andere boten extra belangrijk maakt. Hier liggen we heel ontspannen tot we bericht krijgen dat ons volgende pakketje in de haven van Portimao aankomt. Opnieuw een pakketje ja, want in Spanje is voor de tweede keer in 2 jaar tijd Kees zijn reddingsvest onbruikbaar geworden doordat de stopper van de ritssluiting is los gegaan en daarmee kwijtgeraakt. Hierdoor bubbelt het vest, ondanks gebruik van ducktape, naar buiten, wat niet zo heel handig is als je opblaast als het zoutpatroon door water of vocht is gesmolten. Dekker watersport en Secumar ervan overtuigen dat dit niets anders kan zijn dan een fabrieksfout, kost veel tijd en levert helaas niet de gehoopte service op die je verwacht als je ver weg zit en al jaren trouwe klant bent. In Spanje, waar er nog “watersportwinkels” waren, hebben we gezocht naar een goed nieuw vest. Er is daar echter geen markt voor dure kwaliteitsreddingsvesten, dus heb ik nu een B-merk vest wat als je niet oppast opblaast als je met het “weiger-koordje” in het railingnet blijft hangen (pluspuntje: hij deed het). Ach, het wachten hier is echt geen straf, Alvor heeft gezellige restaurantjes direct op de kade, een winkelstraatje, prachtige zonsondergangen, een wit zandstrand met een warmere zee, een goed aangelegd wandelpad door het natuurgebied tussen de rivier en de duinen in, de zon schijnt er en we delen de ankerbaai en natuurlijk een hoop mooie verhalen met medevertrekkers Willy en Ria van de Sun-Ra die voor de tweede keer aan een wereldreis zijn begonnen. We genieten nog even van dit Mediterranee-achtige plaatsje voordat we binnenkort vanuit Faro oversteken naar Marokko en Europa achter ons zullen laten.

Portugal: so far, so good

Geplaatst op Een reactie plaatsenGeplaatst in Geen categorie

Vanuit Baiona zwaaien we de Spaanse ria’s vaarwel, de Portugese vlag ligt vast klaar om gehesen te worden voor als we straks in Portugal aankomen. Weer benieuwd naar hoe het daar zal zijn, het eten, de mensen en de steden. Het zal zeker anders zijn dan Spanje, geen eilandjes, weinig ankeren en dus verplicht de veelal dure havens in. De Portugese noord die nogal eens voor schade kan zorgen en zeker niet zwoel aanvoelt. Zo zijn er vertrekkers die het samenvatten als: tja de Portugese kust, die hoort er nu eenmaal bij.  We shall see. Porto is de eerste grote stad om aan te doen, anders dan de meesten besluiten we er met (lange) dagtochten naar toe te zeilen. De eerste stop is na een lange dag motoren (omdat er veel minder wind is dan voorspeld) Viano do Castelo, prima haventje en behulpzame havenmeester. Het is opvallend hoe goed men hier Engels spreekt. We blijven hier een extra dagje liggen om Kees zijn verjaardag te vieren en dan doen we in stijl met een heerlijke lunch in een lokaal restaurantje. De volgende stop is Porto, we varen weg met een mooie backstag wind en als deze ook nu weer minder is dan voorspelt komt de halfwinder tevoorschijn (dit is een groot en dun lichtweer zeil, perfect voor de 8 knopen wind die er staat). Doordat alle lijntjes van de parasailor zo mooi klaarliggen is het zetten van dit zeil een fluitje van een cent en als ze mooi staat uitgeboomd, varen we er vlot vandoor. Het is een heerlijke dag zeilen met een lekker zonnetje, prima golven en tot 2 maal toe veel vrolijke dolfijntjes om de boot. Hoe later op de dag, hoe dichter bij Porto, maar ook des te meer wind er komt. We schatten in dat tegen de tijd we bij de haven van Leixoes zijn er zoveel wind staat dat de haven van Porto, 2 mijl verder, de deuren heeft dicht gegooid (moeilijke aanloop volgens onze bijbel*). Dus we slaan linksaf, gaan overstag en eenmaal achter “de dijk” varen  op de motor met stroom tegen naar de haven. De haven kunnen we echter niet in, het is er tjokvol vanwege het WK met 49’ers. Dus met 2 andere boten voor anker waarbij we de avond zelf nog getrakteerd worden op het prachtige Argentijnse tall ship (eerder gezien bij Sail Amsterdam, toen ze om de hoek lagen van ons Java eiland) waarbij de bemanning ook nu weer, windkracht 6 of niet, in vol ornaat in de mast (beter gezegd de ra) staat te wachten om naar de beneden te mogen komen. De volgende ochtend kunnen we de haven wel in en ontdekken een tweede verrassing tijdens het hijsen van het anker, een oud visnet. Het lukt gelukkig om het met een lang broodmes van het anker los te krijgen en eenmaal in de haven kunnen we wederom opzoek naar een leuk eettentje om ditmaal mijn verjaardag te vieren. Met een visje van de barbecue en een wandeling aan het strand van Matosinhos een geslaagde dag. De dag erna pakken we de tram richting Porto en wandelen we door deze mooie relaxte stad. Even vergeten dat het hier geen koopzondag is, maar in het gedeelte bij de rivier, waar ook een vliegtuig demonstratie gaande is, wat hordes mensen op de been brengt, zijn genoeg restaurantjes om prima te lunchen. Mist houdt ons een dagje langer in deze haven waar we 5 september uiteindelijk vertrekken om in dagtochten via Figueira da Foz, Nazare en Peniche in Oeiras aan te komen,  na 2 klotsdagen een derde dagtocht die door Kees als volgt wordt beschreven: 

“Oh what a day”

Het is zaterdag 9 september en we vertrekken om 9 uur uit Peniche voor een dagtocht van ongeveer 50 mijl naar Oeiras, vlak onder Lissabon. Het weerbericht geeft een mooie voorspelling van 13 tot 15 knopen backstag wind. We gooien los en zetten direct het grootzeil, zekerheidshalve met een rifje erin. Dat doen we eigenlijk altijd, je weet nooit zeker of het weerbericht klopt en of er buiten de haven plots veel meer wind staat. Bovendien, een rifje eruit is veel makkelijker dan een rifje erin, dat is logisch. Om uit de luwte te komen van het schiereiland moeten we het eerste stukje motoren. Niet lang daarna pakken we de wind op en wordt de genua uitgerold. Mhhm, er staat wel heel veel minder wind dan voorspeld (7 tot 10 knopen). Na het even te hebben aangezien rollen we de genua weer in en hijsen de halfwinder, pwoefh gaat het en hij staat mede door de goede voorbereiding bijna meteen goed. We zeilen met gemiddeld zo’n 6,5 a 7 knopen en met de stuurautomaat aan hoeven we de eerste uren weinig te doen. Fantastisch zeilen is dit, en hoewel het kan, wil ik geen boek lezen,  ik wil alleen genieten van het zeilen en het water wat een swoesh swoesh geluid geeft. Ook het zonnetje doet zijn best maar echt warm wil het nog niet worden met deze wind uit het noorden. Marijntje doet zijn ochtend slaapje in de maxi cosy buiten in de kuip en heeft momenteel geen weet van dit fraaie zeil weer. Alles bij elkaar lijkt het een mooi moment om mijn hengeltje weer eens uit te gooien, we hebben een beetje lood gekocht om de lijn iets dieper in het water te krijgen. Er gebeurd niet veel, de nylon draad hangt niet echt strak dus er zit nog niets aan, rustig afwachten maar. Niet veel later horen we een ‘doehoef’ geluid, een fractie later kijken we en zien dan ook de grote dobber die we hebben geraakt. Zo’n dobber is een drijver waar een touw aan zit tot aan de bodem van de zee. Aan dit touw zit het visnet. Er liggen honderden van die grote ‘dobbers’ onder de kust tot ver in zee en het is moeilijk om er niet af en toe een te raken met het risico van een visnet in je schroef of roer. Gister hadden we geluk, er bleef er een hangen achter het roer, maar de kracht van de zeilende boot was dit keer te sterk en deed de dobber in tientallen stukjes tempex spatten. De botsing met de dobber op dit moment geeft op zich geen problemen maar na niet al te lange tijd komt de 50 tot 75 meter lange vislijn met de nieuw gekochte vishaakjes  erin vast te zitten en dduurrrruuuuhhhhh de hele lijn tot aan de hengelmolen verdwenen. Wel balen natuurlijk, zeker omdat een paar weken geleden mijn vislijn ook sneuvelde toen er een klein maar snel vissersbootje over heen voer.  We moeten nog veel leren blijkbaar. De snelheid van de boot heeft onder het hengelleed niet te lijden, we varen met een mooie snelheid en het is verder tot dusver een echte top dag. Na de lunch veranderen de golven en de wind en ook de richting ervan. We willen iets meer afvallen anders maken we wel een erg ruime bocht om de Cabo Raso. Maar met de halfwinder kan je niet elke windkoers varen en terwijl ik net iets teveel corrigeer, komt de halfwinder net iets teveel achter het grootzeil te zitten. Het resultaat is dat ze begint te klapperen maar door op tijd weer op te sturen staat ze snel weer goed. 

Waarom weet ik niet maar even later word ik een beetje overmoedig en probeer opnieuw af te vallen. Nu klappert de halfwinder niet alleen maar mede door de golfslag slaat ze tegen de voorstag met ingerolde genua aan en voordat ik er iets aan kan doen draait ze er omheen. Het easy going zeiltochtje veranderd in een spektakel met alle hens aan dek. De volgende 10 minuten probeer ik met een aantrekkende wind alles om het zeil terug te draaien maar tevergeefs. Dan maar zo laten zakken, en dus niet in de slurf (een lange hoes waar je dit soort zeilen heel makkelijk mee kunt hijsen en laten zakken). Samen staan we op het voordek met Marijntje stevig vast in zijn Maxi Cosi zich absoluut niet bewust van alle commotie. Majida laat de val langzaam vieren zodat ik de halfwinder los gedraaid kan krijgen van de voorstag. Niet veel later en zonder brokken is het zeil binnen en is het een complete chaos aan dek. Later in een haven met windstil weer krijgen we de boel wel weer gebruiksklaar. So far, so good….De wind trekt nog wat verder aan en met de uitgerolde genua varen we een lekkere  5,5 a 6,5 knopen gemiddeld. We omzeilen de Cabo Raso (ongeveer de hoek naar Lissabon) ruim in verband met valwinden. Dit was ons aangeraden door de havenmeester in Peniche. Om de bocht te kunnen maken moeten we gijpen (het zeil wat eerst over bakboord stond, gaat nu over naar stuurboord) wat heel makkelijk gaat door de Walder die we onder de giek hebben hangen. Kort uitgelegd is dit een soort vertrager, die de enorme krachten van zo’n gijp onder controle kan houden en zo een klapgijp, die desastreus kan zijn voor je spullen kan voorkomen. Het is echt een fantastische uitvinding uit Frankrijk en hoewel, op vertrekkers na, de meeste Nederlanders er niet aan willen zouden wij niet meer zonder willen zeilen. En ja de wind trek nog even lekker door, en ruim 7 knopen snelheid is geen uitzondering. Dat gaat goed, nog een kleine 10 mijl en ik zit aan m’n Leffe Blond. Maar zoals meestal zit het venijn in de staart. Na een harde windvlaag waar de boot een beetje van uit het roer loopt kost het veel moeite om de genua wat in te rollen. Al snel wordt duidelijk dat de wind echt flink aantrekt en moet de furlinglijn op de lier binnen worden gehaald Met alleen het grootzeil, waar nog steeds hetzelfde rifje inzit als waarmee we uit Peniche vertrokken, gaan we zo’n 8 knopen met wind tot over de 30 knopen. Geluk is dat er hier geen hele hoge golven zijn. Echt wel kicken, we moeten hier en daar uitwijken voor de vissersboeien, 2 kardinalen en zeilend tussen geankerde vrachtschepen door. Halverwege dit geweld zie ik een nieuwe Volvo Ocean Race boot, de Akzonobel, met vol zeil op, die mij op een mijl afstand met 23 knopen passeert. Wow! Na zo’n 8 uur zeilen meren we af in Marina de Oeiras en pak ik m’n welverdiende Leffe Blond. Oh what a day.

*De afgelopen zeildagen hebben ons laten zien dat we onze pilot iets losser kunnen interpreteren, natuurlijk de aanloop naar de havens, veelal stroomopwaarts gelegen van een rivier zal problemen geven bij combinaties van eb, hevige regenval en springtij omstandigheden die je wellicht verwacht in het vroege voorjaar of najaar, maar waarschijnlijk niet bij een normale stevige Portugese noord hartje zomer. 

Onze tips voor Galicië

Geplaatst op 2 reactiesGeplaatst in Geen categorie

Onmisbaar in dit gebied is voor ons de RCC Pilot, Atlantic Spain and Portugal van Henry Buchanan. We hebben voor 80 euro een nieuwe editie in La Coruna gekocht en deze heeft ons tot op heden, nauwkeurig en met de bekende Britse humor, dagelijks van alle benodigde informatie voorzien. 

 

De Spanjaarden zijn ongelofelijk vriendelijk en bescheiden. Iedere haven en ieder plaatsje opnieuw ondervinden we hoe graag ze willen helpen. Van het vinden van een goed plekje in de haven met een baby aan boord tot het geduldig meeraden in wat we bij de slager of visboer zouden willen hebben.

Wat de hele kustlijn van Galicie naast het Spaanse ritme gemeen heeft is dat er heel veel gevist wordt. Je wordt links en rechts ingehaald door kleine vissersbootjes die netten uitgooien op zee, in de ria of als je voor anker ligt gewoon naast je bootje. Er zijn ook vissers die fuiken gebruiken en tot slot zijn er de “mosselbanken” die verspreid in de ria’s voor de plaatsjes liggen en leeggehaald worden door grotere vissersboten. En al die bootjes varen continue de havens in en uit. Logisch want het is naast het toerisme de bron van inkomsten in dit deel van Spanje. Maar tijdens het varen is het dus verstandig markeringen van de netten in de gaten te houden en voor een goede nachtrust heeft een vissersbootvrij ankerplekje de voorkeur.

De Spaanse ria’s doen ons het meeste denken aan de Griekse eilanden , overal vind je prachtige baaien en mooie schone stranden. Waar je je boot voor anker legt zal met name afhangen van de wind richting en de hoeveelheid wind. Wij waren erg gecharmeerd van het serene Islas Salvora en het wat ruigere Isla Ons. Ook de rotsachtige strandjes en de baai bij San Vicente zijn een bezoekje meer dan waard.

Tot slot kun je echt overal heerlijk eten, maar je moet rekening houden met de spaanse siësta. Mocht je met kinderen op pad zijn en niet pas vanaf 20.00 willen dineren dan is een uitgebreide lunch met tapas een prima alternatief. 

Spaanse ria’s III De eilanden (Islas Salvora- Isla Ons-Islas Cies)

Geplaatst op Een reactie plaatsenGeplaatst in Geen categorie

Een bezoek aan de ria’s is niet compleet zonder het aandoen van bovenstaande eilanden, tevens national parks. Je kunt het mooi afwisselen met het aandoen van een nieuwe ria. Wel heb je er naast een vergunning voor het aanvragen van een ankervergunning ook een vergunning voor het mogen ankeren nodig (navigation permission en een anchoring permission). Het lijkt wat dubbelop en om eerlijk te zijn is iedere vorm van controle volledig aan ons voorbijgegaan, maar goed om te weten is dat beide vergunningen makkelijk en goed online te regelen zijn. We vragen ons na het bezoeken van de eilanden wel een beetje af waarom die vergunningen nog steeds verplicht zijn daar waar razendsnelle ferries elkaar in een moordend tempo afwisselen om de stroom aan bezoekers af te zetten en weer op te pikken (met name op Islas Cies) en waar je midden in de nacht wakker wordt geschud door de vele vissersbootjes die hun visnetten uitgooien in dit speciale marine reserve. Echt mopperen doen we overigens niet, stuk voor stuk zijn de eilanden het bezoeken en een ankerplek waard.

Het kleine en eerste eiland Islas Salvora heeft ons hart wel gestolen. Je hebt er niet veel meer dan een klein kerkje en een gebouw waar de eiland bewakers slapen, een vuurtoren een prachtig baaitje en heel veel zeemeeuwen. Min puntje is wel dat het ook voor vissers een mooie stek is en je ’s nachts dus niet heel rustig voor anker ligt. Voordat we door varen naar Isla Ons maken we een tussenstop in San Vicente, met zijn mooie rots strandjes aan de ene zijde en een grote baai met wit zandstrand aan de andere zijde is er voor ieder wat wils. Doordat er een regatta is kunnen we de haven niet in en liggen 1 dag met een hekanker aan een ponton voor de haven en de andere dag mooi voor anker met uitzicht op het strand. Isla Ons is al wat groter en ruiger, in de idyllische baai voor playa de Melide liggen we samen met medevertrekkers van de Bojangles en de Mar-Jolie. Het is gezellig om bij te praten op het witte zandstrandje en ’s avonds aan boord van de Bojangles. Hier ligt ook een Engelsman die we met veel plezier aanhoren als hij uitlegt dat hij uit protest tegen de Brexit met de Europese vlag rondvaart.

Tot slot vertoeven we enkele dagen op Islas Cies, als je de andere mensen wegdenkt het mooiste van de 3 eilanden. Het is heuvelachtig en bosrijk en met een kaart goed te bewandelen. Het witte zandstrand is schoon en het water aantrekkelijk helder maar ijskoud. Marijn heeft het aan de hand lopen op deze eilanden helemaal ontdekt en stapt vrolijk op iedereen af. Hij speelt met een emmertje water en zand en zwaait naar hartelust naar de zeemeeuwen. Het hartje van zijn eerste Spaanse liefde heeft hij bijna weten te veroveren door parmantig maar doelbewust naar haar toe te lopen. Dit 3 jarige prinsesje keek toch een beetje beduusd onder de stoïcijnse blik van Marijn die haar een schelp en een handje wilde geven en ging na een gracias en gulle lach van haar mamma toch weer liever met papa spelen.

Spaanse ria’s II (Muros- Santiago de Compostella- Arousa-Ponteverdra-Vigo)

Geplaatst op Een reactie plaatsenGeplaatst in Geen categorie

In Muros merken we dat het ook in Spanje zomervakantie is. De haven ligt direct aan het centrum van dit levendige toeristische plaatsje waar aan de boulevard vele (vis)restaurantjes en winkeltjes te vinden zijn. Wanneer je doorloopt naar het einde van de baai, kun je bij laag water goed zien hoe vissers hier te werk gaan door met een hark-met-een-klep schelpdieren naar boven woelen. Natuurlijk is Santiago de Compstella een “must see" als je in La Coruna (30 minuten met trein) of in Muros (nog geen 2 uur met de bus)  ligt, dus pakken we voor een habbekras de bus naar Santiago. Maar wie net als ik bij Santiago de Compostela een beeld heeft van oude verbrokkelde wegen en door de zon en stof dorstig en vermoeid geworden pelgrims die heeft het mis. Aan de rand van het centrum zien we appartementen die qua architectuur het Java eiland in Amsterdam zouden upgraden en er ligt een ziekenhuis wat een hoofdstad waardig is. Uiteraard heeft het een prachtig historisch centrum en bijkomend hordes aan toeristen vanuit heel de wereld. We proberen de echte pelgrims, zij die de camino hebben gelopen, te herkennen aan de Sint Jakobsschelp, een wandelstok (niet zo een die net in de souvenirwinkel gekocht is) en het moeilijk lopen door de blaren, maar dat valt nog niet mee. Het is raar maar waar, maar als je via de eeuwenoude nauwe straatjes met “kinderkopjes” onder de bogen en via pleintjes plots op het plein staat tegenover de Obradoiro, daar waar euforische wandelaars na hun tocht zingend, juichend, racefiets in de lucht houdend, huilend of enorm blij, verzamelen dan doet dat toch wat met je. De intensiteit van wat zich hier afspeelt of wat er hier zich in de aflopen honderden jaren allemaal heeft afgespeeld is bijna tastbaar. We slaan het geheel rustig gade voordat we, weer een ervaring rijker, terug gaan naar onze boot. We varen na een aantal dagen, als een flinke storm is gaan liggen, de haven uit om een aantal dorpjes verder naar het noorden voor anker te gaan. Ook in dit baaitje worden we verrast door dolfijnen en we ontmoeten de bemanning van de SantanA die na 7 jaar zeilen bijna weer thuis is. 

Zij wachten op de zuidelijke wind, daar waar we hier eigenlijk bijna altijd wind uit het noorden hebben. Het is fantastisch om met deze mensen te kunnen borrelen en te leren van hun schat aan ervaring, om de verjaardag van Trees met heerlijke zelfgemaakte kwarktaart te vieren en om eens te zien hoeveel ruimte je nou hebt op een 54 voeter (heel erg veel). Na ria de Muros doen we ria de Arousa aan, de grootse van alle ria’s. We scharrelen hier rond en merken dat we het liefst op een mooi plekje voor anker liggen. Natuurlijk de haven is makkelijker aan wal stappen, kinderwagen uitklappen en je kunt op pad. Maar ondanks  (de meestal) warme douche en (het steeds minder vaak) de was te kunnen doen, mist de haven de charme van je anker uitgooien in een mooie baai met uitzicht op een eilandje of een mooi stadsgezicht bij zonsondergang. We krijgen inmiddels ook meer routine in het gebruiken van het bijbootje (bootje het water in takelen, buitenboordmotor aanhangen, buggy of rugzakdrager, strandspullen en/of rugzak voor boodschappen erin en dan een voor een in stappen vanaf een schommelende boot in een wiebelend inmiddels overvol bijbootje ). Marijn natuurlijk altijd met reddingsvest aan, wat hij inmiddels associeert met pret maken aan de wal/ op het strand. Op weg naar de kant kijkt hij steeds opnieuw vol spanning zijn ogen uit. We zijn in deze ria het meest gecharmeerd van Caraminal (toegegeven we zijn niet toegekomen aan Cambados), een wat grotere stad met een gezellige kern, veel eetgelegenheden en 2 hele grote supermercado’s. Je kunt er  niet al te ver naast de haven voor het strand rustig voor anker liggen. We leren van enkele Spaanse zeilers dat het Maria Hemelvaart is. Dit is een officiële feestdag in Spanje, wat helaas ook betekend dat alle winkels dicht zijn. Die avond zien we een heuse processie onder begeleiding van doedelzakken waarbij het geheel in stijl wordt geïntroduceerd en afgesloten met “vuurwerk” (hele harde knallen en hele, hele erge harde knallen). Naar ria de Pontevedra gaan we met name om in het noorden

Combarro te bezoeken. Het oude geheel uit graniet opgebouwde vissersstadje met de kenmerkende “graanhuisjes” voeren je zo een paar eeuwen terug in de tijd. Het is echt de moeite waard om (samen met vele anderen) het volledig gerenoveerde oude stadsdeel langs het water te bezoeken met zijn vele eettentjes, souvenirwinkeltjes en de sfeer te proeven. Na Vigo, de grootste stad van Galicië, een moderne stad met een oud centrum waar je prima kan verdwalen en waar we heel spontaan de verjaardag van Peter vieren op de Eliabeth, zijn we aangekomen in Baiona, een monumentaal middeleeuws stadje wat veel toeristen trekt. Het is hier dat Columbus in 1493 aankwam en het nieuws bracht van de ontdekking van de nieuwe wereld. We hebben in de aanloop naar deze haven regelmatig gedacht hoe ongelofelijk knap en gevaarlijk dat geweest is, terwijl wij zonder problemen, met zicht van 50 meter door dichte mist, met behulp van de AIS, elektronische kaarten en een up to date radar, langs rotsen, ondieptes en tegenliggers manoeuvreren om de white mustang veilig in de haven aan leggen. We bezichtigen hier een replica van De Pinta, het schip van Columbus en ook het Castelo de Montereal een prachtig oud kasteel waar vele eeuwen geleden veel om gevochten is, met uitzicht over de baai tot aan Islas Cies. Een mooie afsluiting van onze tijd in Spanje, morgen wordt er wind verwacht en vertrekken we naar Portugal.    

Spaanse ria’s I (Laxe-Camarinas-Muros)

Geplaatst op 2 reactiesGeplaatst in Geen categorie
30 juli vertrekken we uit la Coruna richting Laxe, een lastig tochtje zo zal blijken. Wachten op de juiste wind is voor dit stuk van 36 mijl moeilijk omdat je “het bochtje om” moet. Vol goede moed interpreteren we het weerbericht iets te optimistisch (zoals de meeste bootjes die dag) met als planning (en voorspelling) zuid-westen wind, die langzaam naar het westen draait en einde dag vanuit het noorden komt. Prima wind dus om de bocht te ronden. De hoeveelheid wind is acceptabel en de windvlagen ronden we voor het gemak wat af naar beneden.  Eenmaal uit de luwte van het land merken we naast dat ook vandaag de windsterkte meer is dan voorspelt en dus meer is dan gehoopt, ze veel eerder draait richting westen zodat we een tijd lang met de wind op kop tegen de golven in moeten klotsen. Door deze golven die uit tegengestelde richting komen hebben we ook nog eens geen gang en komen we zeilend eigenlijk niet boven de 4 knopen uit. De motor zetten we een tijd lang noodgedwongen bij en voor de afwisseling doen we een poging zeilend meer voortgang te maken. We maken een slag naar het westen, wat direct aangenamer vaart en even later weer terug naar het oosten, resultaat: nada. Er zit helaas niet anders op dan op de motor verder te varen en deze bumpy ride uit te zitten. Ria de Laxe is een mooi baaitje, de zonsondergang is overweldigend en in de ochtend worden de voor anker liggende zeilbootjes (waarvan 3 vertrekkers bootjes) begroet door een aantal dolfijntjes. De bemanning van de Vagebond komt even buurten en we wisselen zo wat ervaringen en avonturen uit. Wel heel leuk en zo anders elkaar nu tegen te komen in plaats van op een winterse (vertrekkers)dag in een sporthal in Eemnes. De volgende dag vetrekken we naar Camarinas langs een kust die ze bemoedigend costa da morte hebben genaamd. Met dit rustige weer is het een goed moment om de parasailor eens te testen (een soort spinakerzeil met een “gat” bedoeld voor lange rakken). Helaas is er ditmaal zo weinig wind dat het zeil niet goed wil blijven staan. We zien achter ons dat de Vagebond prima vaart houdt met de halfwinder op. Dat is dan toch het verschil met de parasailor die waarschijnlijk pas te gebruiken is bij een knoop of 9-10 (van achter). We motorzeilen en genieten van het zonnetje en komen zonder problemen aan in de kleine gastvrije haven van Camarinas.Hier spreken we de bemanning van de Liefde weer die voor anker liggen in de baai en morgen weer doorvaren, de dagen erna is er weer storm voorspelt. We beslissen om te blijven, een dagje of wat voor anker te gaan en de haven in te gaan bij te slecht weer. Camarinas is een niet al te groot plaatsje en heel veel kun je er niet doen, maar de wandeling naar de oudste vuurtoren (Faro de Cabo Vilan) van Spanje is mooi. Van bovenaf zie de ruige kust, en de brekers in het water. 

Wat verder veel makkelijker gaat dan verwacht is de laatste vaccinatie voor Marijn regelen. In Engeland was het nogal een gedoe en konden we alleen terecht in travel clinics. De BMR konden we daar wel krijgen maar Engeland heeft een schema wat toch best verschilt met Nederland (in tegenstelling tot het spaanse schema) en de vaccinatie voor meningitis C vervangen voor de B variant. Alternatief een ingewikkelde gecombineerde meningitis vaccinatie die vooral voor Midden Oosten gangers wordt geadviseerd. Via een goed engels sprekende zeilende Spanjaard komen we aan de weet dat we in een Centro de Saude moeten zijn, een kliniek waar wisselend verschillende specialisten aanwezig zijn en ook bloedonderzoek kan worden gedaan. Zo gezegd, zo gedaan met google maps en internet in heel Europa kom je tegenwoordig overal zonder omweg. We krijgen een afspraak met de kinderarts de dag erna, een prik verder en Marijn (als troost) een tongspatel rijker maken we ons klaar voor onze volgende bestemming, Finisterre. Zaterdagochtend, 5 augustus, klokslag 8 uur vertrekken we met heerlijk weer uit Puerto de Camarinas. Vandaag moeten we weer een bochtje nemen om de Cabo Finesterre te ronden. Deze kaap is nogal berucht om de vele schipbreuken, maar wij hebben niets te vrezen want de zon schijnt en we hebben een mooi windje. De haven van Finisterre hopen we voor 13.00 uur te bereiken. In eerste instantie moet naast het grootzeil de motor nog even bij om uit de ria te komen. Eenmaal op zee trekt de wind bij naar de verwachte bakstag 10 knopen, we zetten de genua bij en langzaam veranderen we van koers om de eerste kaap te kunnen ronden. De wind komt al snel helemaal recht van achteren (niet de fijnste koers) zodat we het melkmeisje op moeten zetten (grootzeil over bakboord, genua over stuurboord). Onder deze zeilvoering rolt de boot onprettig. De parasailor durven we niet te zetten omdat het weerbericht in de loop van de ochtend windstoten tot 24 knopen voorspelt. Alternatief, met wat meer wind, is de boom in de genua. Dat blijkt prima te gaan, beide zeilen staan nu over stuurboord en we zeilen met het windje van achter steady en easy going. We genieten met zijn drietjes in de kuip (Marijn al slapend in zijn stoeltje) van dit tochtje. Ook vandaag komt het weerbericht niet overeen (what’s new), de aantrekkende wind komt eerder dan voorspelt en we gaan als een speer richting Finisterre. Inmiddels hebben we, keurig op tijd, zowel 2 riffen in de genua als in het grootzeil, dus met het zonnetje in de kuip en de dolfijntjes die ons begeleiden blijft het fantastisch zeilen. We naderen de kaap Finisterre vrij vlot met zo’n 21 tot 25 knopen wind (15 tot 20 knopen van achter plus onze snelheid van gemiddeld 6 a 7 knopen). 

Op de kaart zien we dat we na het ronden van de kaap nog bijna 3 mijl naar de haven moeten varen met wind recht van voren. Dat is een puist wind waar we beiden weinig zin in hebben. Na goed overleg varen we door naar de volgende ria, Muros. Kijkend op de kaart is dat nog geen 10 mijl en schatten we dat we hier het laatste stuk meer aan de wind kunnen varen. Tien mijl verder is met dit weer geen straf, de boot gedraagt zich goed, we houden mooi snelheid en met golven van 1,5-2 meter die om de 9 seconde komen is het aan boord prima te doen. Helaas na de kaap gerond te hebben, is de wind hier inmiddels ook iets gedraaid, conclusie we hebben toch hetzelfde probleem als bij Finisterre. We moeten recht tegen de wind in naar de haven. Eerst proberen we te motoren, maar er staat domweg teveel wind met een snelheid van maar 2,5 tot 3 knopen wordt dat niks. Dan maar kruisen, aan de wind een paar slagen maken, dan moet het lukken er zeilend te komen. Aan de wind betekent in dit geval dat de boot helemaal op een kant ligt en daar heeft Marijntje na een dag zeilen geen zin meer in. Het huilen is gauw over als we beneden in de kajuit op het lounche bed liggen. Ook hier kan hij, gedurende deze koers, niet alles wat hij tegenwoordig allemaal al kan (zelf de trap op klimmen bijvoorbeeld) maar het is een stuk comfortabeler dan bovendeks. Na hard werken en 4 slagen met wind tot 30,5 knoop aan de wind liggen we eindelijk in de haven van Muros. De zon schijnt nog steeds, hoogste tijd voor een anker biertje aan het einde van de beste zeildag tot nu toe.

 

 

 

NB

Zoals eerder gezegd halen we het weerbericht via het programma Predictwind Offshore binnen met de Iridium Go (satelliet verbinding). Dit levert prachtige plaatjes op in kleur en het mooie is dat je keuze hebt uit 4 verschillen weerberichten (PWG, PWE, GFS en ECMWF).Wat onze ervaring tot nu toe is, is dat deze berichten het altijd wel met elkaar eens zijn als er weinig wind is, maar nogal uiteenlopen als er serieus wind wordt verwacht. Bij de een komt de aantrekkende wind eerder, bij de ander uit een andere richting.Tot nu toe lijkt GFS het dichts in de buurt komt van hoe het werkelijk is. Dit programma wordt ook veel gebruikt in de windvoorspel-apps en op de site van bijvoorbeeld windguru. De les die wij hieruit hebben getrokken is dat we  alleen vertrekken als alle 4 de berichten min of meer gelijk zijn, dat is tot nu toe toch het betrouwbaarst.

Golf van Biskaje

Geplaatst op 3 reactiesGeplaatst in Geen categorie
Lang voor we in Falmouth zijn, halen we de weerberichten voor de oversteek naar La Coruna al binnen. Deels op proef en deels voor de fun. Omdat we de SSB zender niet aan de praat hebben kunnen krijgen gebruiken we de Iridium Go (met antenne) in combinatie met het programma PredictWind Offshore. Het downloaden van weerberichten (30kb) kost zo’n 4 tot 6 minuten en is vergelijkbaar met de internetsnelheid van 20 jaar geleden maar het levert prachtige plaatjes op. In Portsmouth waar we bijna 1,5 week verplicht zijn vanwege de te vervangen radar verbijten we ons als het “perfecte weather window” voorbij komt. De Elisabeth zien we op marinetraffic.com in een sneltreinvaart vertrekken waar ons niets anders rest dan wachten. Eenmaal in Falmouth is het  weerbericht 1 keer per dag binnenhalen niet meer genoeg. Zeker met de tegenvallende voorspelling van onze laatste tocht wordt er 2 tot 3 maal per dag gekeken naar hoe de wind er uit zal zien. We leggen alle gegevens naast elkaar: verschillende modellen PredictWind Offshore, data van de apps weatherpassage, windy en windguru en tot slot de Bracknell weerkaarten). Conclusie, aan wind hier geen gebrek, alleen komt ze uit de verkeerde richting, precies daar waar we naar toe willen, de Scillies en/ of La Coruna. We spreken aardig wat mensen die nog net op tijd van de Scillies konden vluchten (30 knopen wind en alleen anker en mooring mogelijkheden) en beslissen dat we met de huidige weersomstandigheden deze ruige en idyllische eilanden groep laten voor wat het is. Er komt naast veel wind ook behoorlijk wat regen voorbij en hoewel Falmouth echt het bezoeken waard is zijn we blij dat we geen weken hoeven te wachten om de oversteek naar Spanje te kunnen maken. Een kleine schijnbeweging in de weersvoorspelling (na 1,5 dag tegenwind) maakt dat we een dag later (bijna perfect weer voor de oversteek) alle zeilen bij moeten zetten om zondag 23-6 daadwerkelijk te kunnen vertrekken.  60 graden aan de wind (zuid-west, 15 tot 18 knopen) met nog een behoorlijke deining van de afgelopen dagen maakt dat de boot met de koers richting la Coruna redelijk rolt en er behoorlijke schuivers langs komen. Niet echt easy going maar wel goed te doen. Er staan 2 rifjes in het grootzeil en de Genua en daarmee loopt de boot gemiddeld iets meer dan 6 knopen. (en met stroom mee gaan we over de 8 knopen). Op een enkele verdwaalde dolfijn na (we hebben inmiddels filmpjes gezien met hele scholen dolfijnen om zeilboot De Liefde, medevertrekkers) is er weinig anders dan heel veel water. Het weer is grijs en grauw en het ziet er niet naar uit dat de zon zich vandaag nog zal laten zien. 

De tijd vliegt voorbij en het is fijn dat Marijn redelijk vasthoudt aan zijn slaap/ eet ritme. Hoewel het met de Antwerpse zeeziek tabletten buiten prima gaat, lukt het me niet om binnen iets anders te doen dan slapen. Kees zorgt dus naast voor de boot ook voor ons. Als Marijn gaat slapen is het voor ons tijd na te denken over het wacht lopen. Hoewel er op de AIS en radar in geen velden of wegen iets of iemand te bekennen is, moet een van ons twee wakker zijn. Drie uur op, drie uur af zo doen de meesten het. Dat blijkt de eerste nacht vooral voor mij een enorme tegenvaller. Ik dacht met alle nachtdiensten (als AIOS), achterwacht diensten (als baas), het voeden van Marijn (nog geen jaar terug) dat wakker blijven toch redelijk te doen zou moeten zijn. Toch niet, de wind, het geluid van water en een steeds maar schuddende boot is de perfecte combinatie om in slaap te vallen. Bij ronde 2 moet ik Kees na 1,5 uur al wakker maken omdat ik al 3 keer in slaap ben gevallen. De dag erop is (ondanks anders voorspelt) heel vergelijkbaar met dag 1, zelfde winde, zelfde grijze wolken, alleen zien we vandaag geen enkele dolfijn. Overdag slapen we om en om bij en om de gang in de boot iets rustiger te krijgen verlegt Kees de koers iets. In de loop van dag bereiken we ook het punt waar we qua diepte van 200meter naar 5 kilometer gaan. Langzamerhand geeft dit een andere, rustigere golfslag. De White Mustang houdt haar tempo en we liggen met deze snelheid ruim boven ons schema. Het wachtlopen verloopt ditmaal stukken beter, het overdag slapen, warmer aankleden en een muziekje in je oren maakt het opeens bijna aangenaam. Wat prachtig is, is de schitterende sterrenhemel die, zonder in de verste verte ook maar een lichtje, helemaal tot zijn recht komt.

Vanaf dag 3 neemt de wind af en draait naar het  west/ noord-west (halve wind), de golven nemen ook af en de golfslag is beduidend langer. Alles voelt veel rustiger en aangenamer aan boord en ik zie bijvoorbeeld geen boterhambordjes meer door de kajuit vliegen. Wel zien we op de AIS en zeker ook buiten dat we links en rechts gepasseerd worden door grote vracht/ containerschepen, heel imposant om te zien, maar niet helemaal de bedoeling. We motoren ruim tussen 2 grote jongens door naar buiten de “shipping lane” en kunnen na een uur weer doen of we de enige op de wereld zijn. De 50 tinten grijs die we nu wel kunnen dromen worden in de loop van de middag even afgewisseld voor blauw en wit als de zon zich laat zien. Zo is het een beetje zoals we ons hadden voorgesteld, dit is hoe het toerzeilen bedoeld is. We lopen nog steeds ruim voor op schema en als we de nacht in 

gaan weten we dat we woensdagmiddag in Spanje zullen zijn. Omdat de wind steeds meer wegvalt moeten we van tijd tot tijd de motor bijzetten om snelheid te houden. Het is minder rustig, wel heel efficiënt. Van alle nachten is dit de drukste. We varen door een gebied met nogal wat vis, gelet op alle rood knipperende lichtjes van bootjes met vissers, er liggen grote boten voor anker en het alarm van de AIS gaat af omdat we op ramkoers liggen met een behoorlijke vissersboot. Het is Kees zijn beurt om wacht te lopen, en die mag dan ook direct aan de bak. Ik maak nog een kop koffie voor hem en duik weer op de bank. Wat in de ochtend blijkt is dat Kees me lekker heeft laten slapen en samen met Marijn word ik wakker. We varen nu alleen nog maar op de motor omdat de wind helemaal is weggevallen. 

Het is een prachtige dag en toch duren die laatste uurtjes op het water het langst. Vooral omdat we beiden erg nieuwsgierig zijn naar hoe weer een nieuw land ons gaat bevallen. Kees slaapt nog wat bij in de uurtjes die volgen maar eenmaal aangekomen in La Caruna gaat de kurk van de champagne! Na 443 mijl zijn we zomaar in Spanje, La Coruna en het voelt of het avontuur nu pas echt gaat beginnen. We slapen een dagje bij en ruimen de boot op, de dagen erna gaan we het stadje in. Er heerst een ontspannen sfeer en overal zie je mooie pleinen, palmbomen en parkjes. Het is aangenaam warm en de tapas smaken prima. Het is bijzonder om te zien hoe gek ze hier zijn op kinderen. Marijn trekt met zijn blonde krullen volop de aandacht. In de supermarkt, op straat en in de restaurantjes, waar we maar komen beginnen wildvreemden (vaak wat oudere dames) hem in Spaans voor gevorderden verhalen te vertellen, ze wijzen naar zijn krullen en hangen over de kinderwagen. Marijn ondergaat het gelaten, wordt er ook wel wat verlegen van en moet er soms een beetje van lachen, op zo’n moment kan hij natuurlijk helemaal niet meer stuk. 

Na 3 nachten in de haven van La Coruna, gaan we net 1,5 mijl verderop voor anker. Het ligt wat rustiger (geen gekraak van de lijnen) en het is vooral veel leuker om naar een zandstrandje uit te kijken en surfers voorbij te zien komen. De Liefde ligt hier al een paar dagen en komt even buurten. Ook zij vertrekken morgen in de richting van Fisterra om de Spaanse ria’s te gaan ontdekken.

Engeland

Geplaatst op 5 reactiesGeplaatst in Geen categorie
In Dover ontmoeten we de bemanning van de Elisabeth, vertrekkers voor onbepaalde tijd. Ze nodige ons uit voor een borrel maar de eerste dag moeten we afslaan, we hebben een nogal onvoorzien probleem, heel veel (zoet)water in de bilge. De waterpomp blijft maar aanslaan, een probleem wat wellicht al al langer bestaat maar door het motoren onopgemerkt is gebleven. Na het leegpompen van de boot (geschat 75 liter) is het “gat” snel gevonden. De boiler lekt! We koppelen hem af en het probleem lijkt verholpen. Die borrel met de Elisabeth komt in afwachting van de juiste wind de dagen erna. We varen ook samen op naar Eastbourne (een plaatsje wat er al wat gezelliger uit ziet). Via Southwick waar we achter de meest kolkende sluis ever in een klein haventje liggen en met de trein een dagje Brighton doen komen we aan in Portsmouth/ Gosport. De Seaswing hebben we op deze laatste tocht nogmaals uitgeprobeerd en nu weten we zeker dat dit stoeltje (dat je in de lier hangt en mee kan schommelen) het niet wordt. Marijn is wellicht nog te klein of de hoek waarin het stoeltje hangt met de boot is niet goed maar niet alleen het stoeltje ook Marijn hangt. Ons kereltje heeft zeker voor de langere stukken een comfortabeler stoeltje nodig. We vinden een Halfords en we gaan voor de opvolger van de Maxi Cosi en dat blijkt een schot in de roos. De tweede aanpassing aan boord is vloerbedekking (gezien op de Elisabeth). We vinden een zaak die vloertegels verkoopt en binnen een paar uur liggen ze op de houten vloer en kruipt en klautert Marijn de boot door. Door het dolle heen zo blij is hij en in de week erop zet hij een voorzichtig eerste stapje. Wat ons helaas langer in Portsmouth houdt is een kapotte radar, het beeldscherm geeft alleen nog maar aan dat er no reaction is. Het is een oudje en blijkt niet te repareren (he’s going were the sick and dying radars go aldus Mike the mechanic). Er zit niets anders op dan een nieuwe radar te bestellen (Raymarine Quatum) en te wachten.
We verkennen de rivieren in de buurt waar je aan een stijger veel rustiger en prettiger ligt dan in de bumpy visitors harbour van de Hassler Marine. We wanen ons terug in de tijd van ridders en Robin Hood als we de prachtige Beaulieu river opvaren.  Precies zoals in de guide beschreven staat daar bij de inmonding een miniatuur vuurtorentje als markerpunt. Een prachtig tochtje door mooi natuurlandschap afgewisseld met kasteelachtige gebouwen richting de haven Bucklers Hard. Langs de beboeide vaargeur valt de rivier al droog. We kunnen aan de steiger op de rivier aanleggen en met de dingy gaan we aan land en lopen met Marijn in de rugzakdrager langs de rivier naar het authentieke stadje. De dagen erna doen we Isle of Wight en de omgeving van Chichester Harbour nog aan om de 17de terug te keren naar Gosport in afwachting of de radar (met vertraging) er eindelijk zal zijn. De verrassing kon niet groter zijn dan dit zo was, Mike en collega gaan direct aan de slag en we kunnen met een nieuwe radar met een prachtig windje richting Falmouth. Het wordt een gedenkwaardig tochtje met een easy going begin, door de Solent en langs de Needles kabbelt het voort met de stroom mee op de motor. In de vroege ochtend worden we vergezeld door een aantal bruinvissen die vrolijk en speels langs de boot meezwemmen en springen. Geweldig leuk om te zien. In de loop van de volgende dag  trekt de wind zoals voorspelt aan (20 knopen, een dikke windkracht 5). Even later zien we de lucht betrekken en komen we terecht in een fikse onweersbui De wind draait een aantal maal 360 graden, we moeten wel 3-4 keer gijpen wat we goed opvangen, mede door de walder. In deze periode zet Kees een rif in het grootzeil (enige zeil wat op staat). Met de wind recht van achter is er verder nog niet veel aan de hand, en volgens de berichten gaat de wind zo draaien en afzwakken dat we tegen de tijd dat we Falmouth bereiken de haven zo in kunnen varen. 

De wind deed echter niets van dit alles, hij trekt juist verder aan wind (tot 35 knopen, windkracht 8) en we hebben spijt dat we niet gelijk 2 riffen hebben gezet. Door een flinke schuiver raakt te punt van de giek het water, dit is het moment waarop Kees besluit verder met de hand te sturen. Met de steeds hoger wordende golven (2-3 meter, maar de hoogte van golven is moeilijk te schatten) een uitdagende klus die Kees klaart. Marijn heb ik bij de eerste onweersbui al mee naar binnen genomen maar als Kees bij het aanlopen van de haven vraagt of ik boven kom en Marijn veilig in zijn bedje ligt (wat we voor deze tocht naar het lounchebed hebben verplaatst) voel je met de kracht van al dat water om je heen en de imposante golven die achter de White Mustang steeds maar weer opdoemen hoe nietig je bent. De fikse schuivers trotserend kijken Kees en ik of er geen brekers zijn en beetje voor beetje krijgen de kustlijn beter in beeld. Langzaam wordt het rustiger en uiteindelijk varen we veilig en wel de haven binnen en genieten van dit overwinningsmoment.